Eendekooi

Eind 16e eeuw verdwijnt het toenmalige Vijfhuizen in de golven en allengs wordt nog zoveel grond afgeslagen dat van het weidegebied van Zuid-Schalkwijk alleen een schiereiland overblijft. In 1701 wordt vergunning verleend voor de aanleg van de eendenkooi, die van 1757 tot 1990 in bezit is van de familie Stokman.

De eendenkooi in Vijfhuizen bestaat uit twee ha. hakhoutbos met een rechthoekige vijver (circa 40m x 40m) met een vangpijp op iedere hoek. Daaromheen liggen weilanden. De (wilde) eenden en talingen worden gevangen in de visfuik aan het eind van elke pijp.

Bij de droogmaking van het Haarlemmermeer worden de ringvaart en de ringdijk achter het schiereiland omgelegd, zodat dit gebied bij de nieuwe polder komt. Dat het oud land is blijkt wel uit het landschap en de vegetatie. Veel planten in dit gebied groeien ook aan de Haarlemse oever, maar komen elders in Haarlemmermeer niet voor, en anders dan in de rest van de vrijwel rechtlijnige polder kent het huidige Vijfhuizen ook bochtige wegen (zoals de Kromme Spieringweg).

Het eeuwenoude gebied van de eendenkooi is een uniek natuurmonument met een gevarieerde flora (met zo’n honderd soorten planten en tweeëndertig soorten bomen). Tot de eveneens gevarieerde fauna horen bijzondere vogelsoorten als de ijsvogel, tureluur, tuinfluiter, steenuil, spotvogel en torenvalk. In en om de kooi leven ook wezels, bunzings, hermelijnen en diverse vleermuissoorten.

In 1990 koopt de Stichting Landschap Noord-Holland de eendenkooi om hem als uniek natuurmonument te behouden en beschermen. Beheer en onderhoud blijven in handen van de familie Stokman.


Waar staat deze verhalenpaal?

  • Locatie: Spieringweg 259 Vijfhuizen, bij de ingang naast het pad richting de eendekooi. Dichtstbijzijnde adres: Kromme Spieringweg 259 Vijfhuizen
  • Coördinaten: 52.355.848.715 / 4.687.727.141
  • Fietsroute: fietsroute Water
  • Fietsknooppunten: tussen 51 en 52

Correctie: NAP -3. Het huidige NAPbord wordt vervangen.


Elise Stokman vertelt..........

Wat is een eendenkooi?

Een eendenkooi is een historisch jachtmiddel om eenden te vangen. Het is een Hollandse uitvinding. De kooi is een met bomen en struiken omzoomde plas met op elke windrichting een doodlopend, smaller wordend slootje. Deze slootjes zijn overdekt met gaas of netten met aan het eind, in het jachtseizoen, een fuik of rechthoekige kist. Als er een nieuw net moet worden gemaakt dan brei je ze en als de netten hersteld moeten worden heet dat het boeten van de netten.

Hoe werkt het?

De wilde eenden worden door tamme eenden de plas op gelokt. Het is er rustig en er is lekker eten. Door middel van een hondje en voer worden de tamme eenden een slootje ingelokt. De wilde eenden gaan er schoorvoetend en wantrouwend achteraan. Wat zien ze toch? Een rood met witte pluimstaart en eten. De nieuwsgierigheid overwint. Ze gaan met de andere eenden eten. Als ze ver genoeg het slootje in zijn worden ze opgejaagd door de kooiker. Als aan het eind van de vangpijp het hekje omlaag is is er geen weg terug.

Daar zijn spreekwoorden over:

De pijp in, de pijp uit

Een vreemde eend in de bijt.

Waar een kooi verdwijnt verdwijnen de eenden

Het is nu een cultuur historisch monument-Ringkooi excursie kooi of kooi vangen voor de bout of een combinatie van beiden. Een kooikercirkel is 1308 meter in het rond.

De geschiedenis:

In de Middeleeuwen was de Haarlemmermeer een groot veengebied met drie meren: het Leidsemeer, het Lubkemeer en het Spieringmeer. Door stormen en afvening werd het één grot meer. De naam was het Haarlemmermeer oftewel de Waterwolf. Het vroegere Vijfhuizen en Nieuwerkerk waren al verzwolgen. Het huidige Vijfhuizen werd op een landtong opnieuw opgericht. Dat was de Vijfhuizerhoek. Op dit punt was het een uitgelezen plek om een eendenkooi te vestigen.

Door een erfenis had priester Vincent Palesteij  de kooi, erve en boomgaard gekregen. Deze heeft hij tot zijn dood beheerd. Na zijn overlijden kreeg Jan Willemz. Burger in 1701 de kooi in zijn bezit als executeurtestamentair voor Vincent Palesteij. Hij vroeg een octrooi aan voor het oprichten van de eendenkooi in het jachtgebied van de graaf van Schalckwijk. Hij moet wel vierhonderd Rijnlandse roeden van de andere kant blijven. Jan Willemsz. boert niet goed. De laatste twintig jaar is er een verlies van dertienhonderd gulden. Men vraagt of deze goederen verkocht mogen worden.

In 1757 werd de eendenkooi verkocht aan molenmeester Gerrit Stokman voor achttienhonderd gulden. Het gaat over de kooi, landhuis, erve en land ten westen van het Elisabeth Gasthuis in Haarlem. Er moet jaarlijks 3,5% rente betaald worden. In 1780 was alles afbetaald. In 1823 werden de afpalingspalen aangevraagd. De eendenkooi wordt door de zonen van Gerrrit Stokman voortgezet en sinds 1838 regelmatig geregistreerd door Dirk Stokman.

In 1839 begon men met het plannen van de droogmaking van het Haarlemmermeer. In 1842 kreeg boer Dignum het bericht dat delen van zijn land onteigend zouden worden voor de droog-making. Hij tekent bezwaar aan en neemt geen genoegen met de drieduizend gulden die hem geboden wordt. Hij wil achtduizend gulden plus een brug en een duiker.

Na het overlijden van van Dignum in september 1843 wordt in maart 1844  een compromis gesloten. Zijn eerste vrouw was in 1836 overleden. Zijn tweede vrouw Neeltje Kaptein zet samen met Nic.Huijser, die voogd is, het bezwaar voort. De weduwe en voogd van de kinderen van Jacobus tekenen bezwaar aan.

In 1926 krijgt de volgende generatie Stokman het bericht dat de draaibrug bij Vijfhuizen gesloopt gaat worden. Er zal een pontveer voor in de plaats komen. De weduwe en de voogd van de kinderen van Jacobus tekenen bezwaar aan. De brug hebben zij bij het graven van de Ringvaart gekregen. Deze moet blijven. Het polderbestuur is niet bevoegd om de brug af te breken. In 1843-1856 is een overeenkomst gesloten met de familie Stokman. Het polderbestuur heeft de verplichting aanvaard om ten eeuwigen dagen ter plaatse als bedoeld een brug te maken en te onderhouden. Er werden twee teldagen ingesteld. Op deze dagen werd er veel gebruik gemaakt van de brug van vijf uur ’s morgens tot zeven uur ’s avonds. Er weren honderdenzes rijwielen geteld, twaalf motorrijwielen op vier wielen, twee motorrijwielen op twee wielen, tien andere voertuigen, zevenentwintig melkwagens, vijf handkarren en twintig koeien. De tweede teldag werden er zestig rijwielen, twee motoren op vier wielen, dertien andere voertuigen, twee hand-karren, drieëntwintig voetgangers en drie stuks vee geteld.

DE BRUG BLIJFT!

Anton, mijn man is nu de zevende generatie die de kooi beheerd. In 1990 is de eendenkooi verkocht aan het Landschap Noord-Holland. Ook onze generatie moet af en toe in de weer om de kooi te blijven behouden, dat is voor wegen, polderbaan, wind-molens en bouw van huizen of fabrieken.  Het komt ook voor dat de inspecteur van de RUD de kooi sluit, omdat er een dode torenvalk om de fuik zit. De vogel zat niet in de fuik, maar was wel dood. Deze inspecteur had geen kennis van vogels en hij kende ook niet de regels waar men zich aan moet houden. Dat zijn de wetten. Deze heeft hij later opgevraagd bij de Eendenkooistichting. Het bleek dat wij niets fout hadden gedaan. Alles was volgens de regels gegaan.

De achtste generatie helpt alweer mee. De kooi blijft bestaan. Buiten dat het een jachtmiddel is is er ook veel natuur. Daarom willen instanties de eendenkooien graag in stand houden. Er zijn veel boom- en plantensoorten, paddenstoelen, mos-soorten, allerlei verschillende vogels, roofvogels, zangvogels, vleermuizen, egels, hazen, hermelijnen, de bunzing, wezels, ratten, muizen en vele insectensoorten. Als een kooi niet onderhouden wordt dan verdwijnt dit alles.

Daarom is de kooicirkel, het afpalingsrecht, ook heel belangrijk. Dit is een eeuwenoud zakelijk recht waarmee je bepaalde bebouwing tegen kunt houden om de stilte rond een kooi voor een deel te kunnen waarborgen. Om een eendenkooi te behouden moet je aan verschillende regels voldoen, zoals registratie van de kooi, kooikersaktes hebben en weten wat je wel en niet mag doen.